De Spaanse griep in het Oldambt

Het begon met koorts, keelpijn en hoofdpijn en een paar uur later was de patient doodziek. ’s Morgens nog gezonde jonge mensen waren ’s avonds dood, zeiden mensen. En ze stierven bij bosjes aan de ziekte. Volgens een voorzichtige schatting zijn 30 miljoen mensen slachtoffer geworden van de Spaanse griep.

Het is nu 100 jaar geleden dat deze griep het Oldambt bereikte en ook daar slachtoffers maakte.

De Spaanse griep, die hier in oktober, november en december heerschte, was zeer kwaadaardig en eischte 41 slachtoffers. Het aantal ingezetenen dat door de griep werd aangetast is niet bekend, doch kan gevoeglijk op 1000 worden geschat. Dit schreef de burgemeester van Finsterwolde in het jaarverslag over 1918. Het betekent dat er 1000 mensen ziek waren op een bevolking van iets meer dan 3000. U kunt zich voorstellen wat dat betekende voor het sociale leven.

41 Slachtoffers is de helft van alle mensen die overleden in Finsterwolde in 1918. Een jaar later, in 1919 stierven in totaal 33 mensen. Iedereen kende wel iemand die was overleden aan de griep.

De Spaanse griep begon in de eerste maanden van 1918 vermoedelijk in een militair kamp in de Verenigde staten. De Eerste Wereld oorlog was in volle gang en dat zal bijgedragen hebben aan de verspreiding van het virus. De Amerikaanse soldaten kwamen naar Europa voor de strijd. Ze brachten het virus mee en besmetten de andere soldaten. Duizenden stierven aan beide zijden van het front. De ziekte maakte geen onderscheid tussen soldaten of burgers. Waar ze elkaar tegenkwamen, verspreidde het virus zich razendsnel.

De ziekte maakte wel een ander onderscheid, waarmee het afweek van het griepvirus dat ieder jaar terug kwam. Ouden van dagen, jonge kinderen en zwangere vrouwen zijn het kwetsbaarst voor het bekende griepvirus, terwijl de Spaanse griep vooral slachtoffers maakte onder mensen in de kracht van hun leven, mensen tussen 20 en 40 jaar oud.

Over de oorzaak is er geen duidelijk oordeel. In 1918 en 1919 ging het gerucht dat de Duitsers het verspreid hadden op het slagveld om hun tegenstanders te verzwakken. Als dat zou was, heeft het ze niet veel gebracht, want ook de Duitse soldaten stierven bij bosjes. Een ander idee, dat in de hele geschiedenis veel voorkomt, was dat het een straf was van God. In dit geval kan ik me er wel wat bij voorstellen. Er is een oorlog aan de gang en tegelijk raast een griep over de wereld die precies die mensen (mannen in dit geval) treft die zouden kunnen vechten.

Laten we nu eens rondkijken in het Oldambt aan het einde van 1918. Het was het vierde jaar van de oorlog en in november was de overgave van Duitsland. Nederland was neutraal gebleven, maar dat betekende niet dat de oorlog geen effect had.

Voor een handelsland als Nederland was het heel ongunstig dat alle buurlanden in oorlog waren. En na vier jaar waren de tekorten voelbaar. Gelukkig was 1918 voor de landbouw een goed jaar, dus  er waren voldoende voorraden voor de winter. Hoewel, het had nog beter  kunnen zijn als er voldoende kunstmest was geweest, aldus de burgemeester van Beerta in het jaarverslag.

Veel levensbehoeften waren op de bon en de burgemeesters correspondeerden druk over de levering en de kwaliteit van goederen om de inwoners van hun gemeenten te kunnen verzorgen.  Ook de armbesturen hadden een drukke tijd. Veel Oldambtster arbeiders werkten in de jaren voor de Eerste Wereldoorlog over de grens in Duitsland. Dat kon niet meer nu de grenzen door de oorlog gesloten waren.

Het was ongemakkelijk en voor de arbeidersgezinnen moeilijk, maar bij lange na niet zo bedreigend als de oorlog die in de andere landen woedde. Daarbij moet ik een kleine uitzondering maken voor Beerta en Finsterwolde en de grensplaats Nieuweschans, die te maken hadden met de dreiging die uitging van de revolutie in Rusland en de communisten in hun eigen gemeenten. Hierover schrijf ik binnenkort een keer.

Nu de griep. Iedere gemeente in het Oldambt kreeg ermee te maken en in alle gevallen betekende het een verdubbeling van het dodental. Ook de burgemeester van Beerta maakte een opmerking over de griep:

Ook hier heeft de Spaanse griep in hevige mate gewoed. In de maanden november en december overleden in de gemeente niet minder dan 60, meest in de kracht van hun leven.

De andere burgemeesters besteedden wonderlijk genoeg geen aandacht aan de Spaanse griep, maar uit de verdubbeling van de sterftecijfes kunnen we concluderen dat er ook in andere gemeenten veel dodelijke griepgevallen zijn geweest.

De Spaanse griep was in 1919 ineens voorbij, niet alleen in het Oldambt, maar over de hele wereld. De ziekte had meer slachtoffers gemaakt dan de hele Eerste Wereldoorlog. Wonderlijk dat we de epidemie bijna vergeten zijn.

Zijn er in uw familie verhalen overgeleverd over de Spaanse griep?

Reacties plaatsen is niet mogelijk.